Tijdsvergelijkingen - Trends

Trends in de concentraties

De figuren die de trend in de concentratie van een stof weergeven bevatten de volgende soorten gegevens.

  • Allereerst is er per jaar de gemiddelde concentratie van alle metingen voor geheel Nederland weergegeven en
  • ten tweede is de regressielijn door alle metingen voor geheel Nederland over alle jaren weergegeven en
  • ten derde is er per jaar de gemiddelde waarde van de metingen gelijk aan de rapportagegrens voor geheel Nederland weergegeven en
  • ten slotte is de regressielijn door de rapportagegrens metingen voor geheel Nederland over alle jaren weergegeven.

Alle metingen gelijk aan de rapportagegrens hebben in overeenstemming met de voorschriften van de Kaderrichtlijn Water de halve rapportagegrens als waarde gekregen. Alle metingen zijn vervolgens logaritmisch getransformeerd. Over alle getransformeerde metingen uit één jaar is vervolgens het gemiddelde berekend als het aantal metingen groter gelijk aan tien is. Dit gemiddelde is daarna teruggetransformeerd. De uitkomst is dus het meetkundig gemiddelde van alle metingen per jaar in nanogram per liter. Dit gemiddelde is met een zwart open driehoekje weergegeven in de figuur. De regressielijn is berekend op grond van alle getransformeerde metingen over de hele tijdspanne waarin de stof gemeten is. Op grond van deze regressielijn is de verwachte getransformeerde concentratie per jaar berekend voor een range van jaren waarbij minimum en maximum jaar tenminste tien metingen hebben.. Vervolgens is deze verwachting teruggetransformeerd naar de verwachte concentratie per jaar in nanogram per liter. Deze verwachte concentraties zijn in de figuur verbonden door een zwarte gestippelde lijn met zwarte vierkantjes weergegeven in de figuur.

Op vergelijkbare wijze zijn de metingen gelijk aan de rapportagegrenzen behandeld. Hierbij is dus uitgegaan van de halve rapportagegrens. De gemiddelde waarden voor de metingen gelijk aan de rapportagegrens zijn weergegeven met blauwe vierkantjes en de trendlijn is een blauwe gesloten lijn met blauwe cirkels. In geval van overlap van symbolen liggen de open symbool/gestippelde lijn boven de gesloten symbool/doorgetrokken lijn. N.B. De resultaten voor de metingen gelijk aan of kleiner dan de rapportagegrenzen geven dus de (gemiddelde) halve rapportagegrenzen weer.

Al deze berekeningen zijn verricht met het programma R.

In bovenstaande procedure worden de metingen per jaar gemiddeld over geheel Nederland. Dit is uiteraard een simplificatie, want je zou hierbij rekening moeten houden met de verdeling van de meetpunten over het land. Meer hierover kunt u vinden in het rapport van Heuvelink G.B.M., Kruijne R. & Musters C.J.M. (2011), Geostatistische opschaling van concentraties van gewasbeschermingsmiddelen in het Nederlandse oppervlaktewater. Wageningen: Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu.

Trend in algemene waterkwaliteit

Als maat voor de algemene waterkwaliteit per meetpunt geldt de SNO-waarde per meetpunt (zie Toelichting, Normen,Gesommeerde Normoverschrijding). In de grafiek van de trend in de algemene waterkwaliteit wordt de gemiddelde SNO-waarde per jaar weergegeven. Voor de berekening van dat gemiddelde zijn alle meetpunten gebruikt waarop dat jaar metingen zijn verricht. Omdat op een groot aantal meetpunten een SNO-waarde van 0 wordt vastgesteld, is in een tweede grafiek het percentage weergegeven van het aantal meetpunten met de SNO-waarde 0 ten opzichte van het totaal aantal meetpunten.

Trend in het percentage overschrijdende stoffen

Per meetpunt is per norm het gemiddelde aantal overschrijdende stoffen berekend door het aantal stoffen dat bij ten minste één meting een normoverschrijding vertoonde te delen door het aantal stoffen waaraan op het meetpunt ten minste één keer is gemeten. Per jaar is het gemiddelde percentage berekend over alle meetpunten waarop dat jaar metingen zijn verricht en deze gemiddelden zijn weergegeven in de grafiek. In de tweede grafiek staat per jaar het percentage meetpunten waar van geen enkele gemeten stof voor de betreffende norm een normoverschrijding is vastgesteld. Meetpunten waarop dat jaar geen metingen zijn verricht zijn buiten beschouwing gelaten.

Trend in het percentage overschrijdende metingen

Per meetpunt is per norm het gemiddelde aantal overschrijdende metingen berekend door het aantal metingen met een normoverschrijding te delen door het totaal aantal metingen op het meetpunt. Per jaar is het gemiddelde percentage berekend over alle meetpunten waarop dat jaar metingen zijn verricht en deze gemiddelden zijn weergegeven in de grafiek. In de tweede grafiek staat per jaar het percentage meetpunten waar bij geen enkele meting een normoverschrijding is vastgesteld. Meetpunten waarop dat jaar geen metingen zijn verricht zijn buiten beschouwing gelaten.